Oudedagsreserve (FOR)

Heel veel ondernemers met een eenmanszaak, VOF of CV hebben een oudedagsreserve op de balans staan. Vaak wordt voor de term oudedagsreserve nog de vroegere term fiscale oudedagsreserve of de afkorting FOR gebruikt.
Hoewel het bij veel ondernemers op de balans staat, leert de praktijk dat deze balanspost regelmatig vragen oproept. Voorbeelden van die vragen zijn onder andere: hoe is de FOR ontstaan en wat kan ik er mee.

Hoe ontstaat FOR
Een ondernemer die aan het urencriterium voor de zelfstandigenaftrek voldoet (1.225 uur op jaarbasis) en die op 1 januari nog niet de AOW-gerechtigde leeftijd heeft bereikt, kan in 2016 doteren aan de FOR. De maximale dotatie bedraagt 9,8% van de fiscale winst met een maximum van € 8.774. Dit bedrag komt in mindering op de fiscale winst. De FOR is dus niets anders als een stukje van de winst dat op de balans wordt geparkeerd en waar in het jaar van dotatie geen belasting over wordt betaald. De belasting hierover is later verschuldigd. Meestal gebeurt dat bij beëindiging van het bedrijf.

Wat kunt u met de FOR
Dotatie aan de FOR wordt vaak gedaan om belasting te besparen. U kunt de fiscale winst 2016 door dotatie met maximaal € 8.774 verlagen. Dit bedrag geldt per ondernemer. Een VOF met 2 firmanten kan dit bedrag 2 keer op de winst in mindering brengen. Dat wordt vaak gedaan wanneer de winst hoog is en hierover het toptarief van 52% verschuldigd is. Nadeel is dat dotatie aan de FOR de grondslag voor de MKB-winstvrijstelling verlaagt. U mist over een dotatie aan de FOR 14% MKB-winstvrijstelling. De effectieve belastingbesparing is daarom geen 52% maar 86% van 52% = 44,72%.

Overigens kan dotatie aan de FOR ook een optie zijn als het inkomen lager is. Omdat de FOR de winst verlaagt, kan het ook van invloed zijn op bijvoorbeeld recht op toeslagen, recht op een aanvullende studiebeurs en op de grondslag voor de inkomensafhankelijke bijdrage zorgverzekeringswet. Het voordeel kan verder gaan dan alleen een belastingbesparing.

U kunt de FOR verlagen door dit om te zetten in lijfrente of in banksparen. Indien u hiervoor kiest dan valt de FOR vrij. Deze vrijval is belast maar valt weg tegen de aftrekbare storting in lijfrente of banksparen. Per saldo heeft u hier geen fiscaal voor- of nadeel van. Omzetten van FOR in lijfrente of banksparen is ook mogelijk als u de AOW-gerechtigde leeftijd al bereikt hebt.

Risico’s
Uiteindelijk zal de FOR een keer vrij moeten vallen en afgerekend moeten worden. De vrijval wordt tot de winst gerekend en is belast tegen het tarief dat in het jaar van vrijval van toepassing is. Het komt helaas voor dat ondernemers in geval van staking van de onderneming verrast worden door de effecten van de vrijval. Zeker als de FOR hoog opgelopen is, kunnen de gevolgen voor de inkomstenbelasting groot zijn. Het is daarom zeer aan te bevelen om naast de reserve in de FOR ook in geld te reserveren om de belasting over de FOR af te kunnen dragen of om de FOR in lijfrente of banksparen om te kunnen zetten.